Interview met scheidend voorzitter

Interview met scheidend voorzitter

Tijdens het voorzitterschap van Catherine Pannevis is de afgelopen drie jaar veel gebeurd in het IMH-veld. “Ik hoop dat we als bestuur de verbinding tussen de leden en tussen de vereniging en andere partners in het IMH-veld verder gestalte hebben kunnen geven”, zegt zij in een interview met Charlotte Schenning. Met het beëindigen van de zittingstermijn neemt de voorzitter van het bestuur van de DAIMH afscheid.

Wat vond je het boeiendst van het voorzitterschap?
Eerlijk gezegd was ik voor de start in het bestuur geen actief verenigingslid. Ik ben in het verleden altijd wat beducht geweest voor het ‘verenigingsleven’ in het algemeen, omdat ik dat eerder ervaarde als een omgeving met vaak impliciete, dwingende normen en waarden. Dus ik bewoog mij graag in vrijheid langs de zijlijn. Door in het bestuur te gaan en vervolgens voorzitter te worden, heb ik de DAIMH van binnenuit leren kennen en ervaren hoe divers de samenstelling van onze leden binnen de vereniging is. Juist door de diversiteit van leden worden we uitgedaagd om nieuwsgierig te blijven naar het perspectief van de ander, met als gemeenschappelijke basis ons hart voor het zeer jonge kind en zijn ouders. Dat maakt deze vereniging zo dynamisch en bestendig voor de toekomst. Dat vond ik een heel boeiende, verrijkende ervaring.

Ik vond het de grote uitdaging om, samen met het bestuur, een vertaling te maken van waar we als vereniging inhoudelijk voor staan (IMH gedachtegoed afgestemd op de WAIMH*) naar beleid en activiteiten binnen en buiten de vereniging. Hoe zorgen we ervoor dat er voldoende deskundigheidsbevordering is, dat de kwaliteit van opleidingen en van de IMH-professional wordt geborgd en dat kennis met betrekking tot IMH gemaakt en gedeeld wordt? En dit alles naast ons werk en privéleven.

Welk gebied van het vak/competenties heb je (her)ontdekt?
Als voorzitter en bestuurslid heb ik nog meer dan eerder geleerd om een missie te toetsen aan haalbaarheid. Dromen over hoe het ideale plaatje eruit ziet is makkelijk, maar je voegen naar wat reëel is en daarin ook je verlies kunnen nemen als het niet of ten dele lukt om iets voor elkaar te krijgen, is een kunst. Zo startte ik als voorzitter voorafgaand aan het lustrumsymposium in samenwerking met de WAIMH-Vlaanderen. Het programma was veelbelovend, maar het liep lange tijd niet storm met aanmeldingen. We moesten samen met WAIMH-Vlaanderen alle zeilen bijzetten om de kosten te drukken. Ik heb toen als voorzitter in afstemming met het bestuur besloten dat we het symposium zouden afblazen als er op de peildatum onvoldoende aanmeldingen waren. Geen leuk besluit, zeker wanneer je een lustrum wilt vieren! Uiteindelijk kwamen de aanmeldingen op het laatste moment alsnog op gang en werd het een geslaagd feest.

Hoe kijk je terug op de afgelopen periode? Waarover ben je tevreden of trots? Wat is er blijven liggen?
Ik hoop dat we als bestuur, met ons visiedocument als startpunt, de verbinding tussen de leden en tussen de vereniging en andere partners in het IMH-veld verder gestalte hebben kunnen geven. Bijvoorbeeld met het invoeren van een periodieke nieuwsbrief, de mogelijkheid tot onderlinge uitwisseling via de achterkant van de website, het faciliteren van intervisie op het gebied van IMH en verdere samenwerking met onder andere NIP HJK, zoals nu met de start van de wetenschappelijke avonden.

Er is in de afgelopen 3 jaar dat ik als voorzitter in het bestuur zat veel gebeurd in het IMH-veld.

Wat ik persoonlijk wel jammer vind, is dat er zo weinig mannen lid zijn van de DAIMH. Ik vind dat mannelijke professionals weer een geheel eigen en naar mijn mening verfrissende inbreng hebben, zowel inhoudelijk als bestuurlijk. Er mag wel wat meer een vaderlijke functie in het IMH-veld gecreëerd worden, dat geeft letterlijk tussenruimte en zuurstof aan zowel de vereniging als aan het IMH-veld.

Wat er nog verder uit te werken valt is natuurlijk of we en zo ja hoe en voor wie we een nieuw register vorm willen geven. Er lag de afgelopen jaren een dringende behoefte bij de Rino Utrecht en bij afgestudeerde IMH-generalisten om een apart register te krijgen. Omdat een dergelijk tweede register bij zusterverenigingen in de VS reeds bekend was, wilden we gehoor geven aan deze behoefte van buiten de vereniging. Ons voorstel heeft de leden overvallen en vraagt meer denk- en uitwerktijd, dat snap ik heel goed. In die zin ben ik soms wat pragmatisch als voorzitter in de zin van ‘hup, doorpakken’, maar dat kan wat kort door de bocht worden. Ik hoop dat we binnen de DAIMH daar de komende tijd weer een stap verder mee komen.

Wat gun je de DAIMH voor de toekomst?
De vereniging draait op vrijwilligers. Vaak zag en zie ik dezelfde namen van leden voorbij komen die actief zijn binnen de vereniging. Het zou mooi zijn als meer leden een actieve rol willen vervullen, zodat de vereniging van ons allemaal wordt en ieder zijn steentje bijdraagt. En als dit jufferig klinkt: ik was ooit zelf dus zo’n slapend lid en heb ervaren hoe leuk en zinvol het is om je in te zetten voor een gezamenlijk belang! 

Wat wil je de nieuwe voorzitter meegeven? (procesmatig of inhoudelijk)
Hoe saai het misschien ook in de oren klinkt: begin met het grondig lezen van de statuten van de DAIMH, zodat je weet wat de visie en missie is van onze vereniging. Dat bepaalt in beginsel de koers en dat geeft je houvast om nieuwe plannen en ontwikkelingen aan te toetsen. En het maakt dat je weet wat de identiteit is als verenging en hoe dit weer verschilt van andere verenigingen en partners in het IMH-veld. Als je weet wie je bent, weet je ook wat je koers is en op welke vlakken samenwerking met andere partijen al dan niet in de lijn ligt.

Het voorzitterschap is een klus welke je niet kan doen zonder medewerking en steun van het bestuur, commissies, werkgroepen, steunfonds en leden binnen de vereniging. Alleen samen klaar je de klus, een heel inspirerende en eervolle klus!

Waar ga je de vrij te komen tijd aan besteden?
Meer tijd voor de mantelzorg van mijn demente moeder en daarnaast wil ik de draad weer oppakken met het afronden van de kinderanalytische opleiding, wat te lang heeft liggen sudderen. En ook daarin heb ik de missie om het systemische en relationele IMH-denken verder te integreren in het psychoanalytische werk. We zullen zien wat daarin haalbaar is 😉

*WAIMH: World Association of Infant Mental Health